Hoe mooi zou het zijn als…

Hoe zou jij deze zin afmaken?

Ik stel mezelf deze vraag eigenlijk al jaren.

En als ik later terugkijk op de antwoorden, vind ik het bijna grappig hoeveel ervan uiteindelijk zijn uitgekomen.

Zo’n vraag doet namelijk iets met je.

Je ziet iets voor je. Je voelt hoe het zou zijn als het werkelijkheid wordt. En zonder dat je het misschien doorhebt, ga je keuzes maken die daarbij passen.

Soms gaat dat verrassend snel.

Soms duurt het jaren.

En juist dan is het verleidelijk om ongeduldig te worden of dingen te willen forceren.

Toch geloof ik dat er een verschil is tussen afwachten en in beweging blijven.

Reizen met mijn gezin

Ik weet nog dat ik dacht:

“Hoe mooi zou het zijn als we met ons gezin een maand naar Thailand zouden gaan?”

Dat voelde toen best ver weg.

Maar langzaam begon ik ernaar te handelen. Ik blokte vakantiedagen in mijn agenda, verdiende extra geld met freelance klussen om de reis te kunnen betalen en zocht naar goedkopere vliegtickets door niet rechtstreeks te vliegen.

En op een dag dacht ik ineens:

“Hé… we gaan gewoon.”

Verhuizen of verbouwen?

Dit verhaal duurde wat langer.

Anderhalf jaar lang bezichtigden we huizen. We deden biedingen, werden telkens overboden en op een gegeven moment was ik er helemaal klaar mee.

We besloten te verbouwen.

De financiering was rond. Ik hoefde alleen nog de laatste documenten in te dienen.

Tot een makelaar, die we inmiddels al vaker hadden gezien, ons aansprak.

“Er komt een huis op de markt. Willen jullie alvast komen kijken voordat het op Funda staat?”

Eigenlijk had ik er geen zin meer in.

Mijn hoofd stond al op verbouwen.

Maar we gingen toch.

En daar stond het.

Het huis dat aan bijna al onze wensen voldeed.

Achteraf denk ik: misschien was dit precies de timing die we nodig hadden.

Een cultureel uitje

Een paar jaar geleden bezocht ik het Openluchtmuseum in Arnhem.

We liepen door een Molukse barak en ik dacht:

“Hoe mooi zou het zijn als ik hier ooit met een groep Molukse kinderen zou lopen? Om ze te laten zien hoe hun grootouders leefden toen ze net in Nederland aankwamen.”

Vorige week gebeurde het.

Samen met zes andere lieve zondagsschoolleidsters liep ik met achttien kinderen, waaronder mijn eigen jongens, precies over diezelfde plek.

Dat was zo’n moment waarop ik even stil stond.

Nieuwsgierig blijven

Die vraag gebruik ik trouwens niet alleen voor privé.

Ook op werkgebied stel ik mezelf regelmatig de vraag:

“Hoe mooi zou het zijn als…”

Thuis lachen ze daar weleens om.

“Daar heb je haar weer met een nieuw idee.”

En eerlijk?

Dat klopt ook wel een beetje.

De ene week ben ik ergens helemaal enthousiast over en de volgende week ontdek ik weer iets anders.

Vroeger dacht ik dat ik daardoor geen focus had.

Nu zie ik het anders.

Ik ben nieuwsgierig.

En misschien is dat juist mijn grootste kracht.

Want iedere keer begint het weer met dezelfde vraag.

Hoe mooi zou het zijn als…

Delen: